Annuleren
Zoeken
×
  • Geen resultaten

    We konden voor de zoekopdracht geen resultaten vinden.

  • Aan het zoeken

    De resultaten voor de zoekopdracht worden verzameld.

bloggers

Thuis: Evangeline

Wat is nu thuis? Wordt het gedefinieerd door mensen, geschiedenis, spullen of de plek an sich? Is het een combinatie of iets anders? Ik heb verschillende studenten op hun kot ontmoet om met hen te praten over thuis en hen vastgelegd op de plek waar ze zijn wanneer ze niet studeren. Ik ging op bezoek bij de charmante, creatieve Evangeline.

Studeert: Sociaal werk

Heeft gewoond: Nairobi, Zuid-Afrika, Leeuwarden, Ouddorp, Roosendaal, Brussel, Aalst, Roosendaal, Essen

“Mijn ouders komen uit Rwanda, maar vanwege de burgeroorlog waren ze gevlucht naar Kenia, waar ik geboren ben. Via Zuid-Afrika zijn we in Nederland in een asielzoekerscentrum in Leeuwarden terecht gekomen. We hebben daarna een tijdje in Zeeland gewoond en tot mijn twaalfde was Roosendaal mijn nieuwe thuisstad. Mijn vader werkte toentertijd in Brussel als taxichauffeur. Op een gegeven moment is hij bij de kerk - waar wij bij hoorden - als dominee gaan werken en woonde hij daar. In het weekend gingen we dan met het hele gezin naar Brussel, waar ook veel familie woonde. Dat pendelen was heel vermoeiend en toen besloten we met zijn allen naar Brussel te verhuizen. Na de scheiding van mijn ouders zijn we met mijn moeder in Aalst gaan wonen. Toen weer in tijdje terug in Roosendaal, maar dat vonden mijn zussen, broer en ik op de een of andere manier niet zo leuk als vroeger en zo zijn we uiteindelijk in Essen, België beland, net over de grens.”

“We zijn met zessen thuis, ik ben de één-na-oudste waarvan de drie oudsten studeren. We hebben wel een leeftijdsverschil, maar een groot gezin is echt super gezellig. Je hebt altijd iemand om mee te praten en toen we jong waren, waren we altijd met genoeg om spelletjes te spelen. We hebben heel wat hutten gebouwd, waarbij iemand de bewaker was en de ander ging dan drankjes maken, dat soort leuke verzinspelletjes. Er is altijd leven in huis en je bent nooit alleen.”

“Toen ik eenmaal op mijzelf ging wonen vond ik dat wel pittig. Dan zat ik op mijn kot alleen ’s avonds en dacht ik ‘Netflix dan maar’. Ik had het echt onderschat, terwijl voordat ik op kot ging er echt behoefte aan had. Ik wenste vaak dat ik gewoon voor één dagje alleen kon zijn en toen was ik alleen en miste ik alles en iedereen. Gewoon al de geluiden van beneden waar iemand tv aan het kijken is.”

“Mijn moeder vond het heel lang moeilijk dat ik weg ging. Ze vond dat ik weinig langskwam en ze wil nog steeds dat ik vaak langskom. Ze is heel bezorgd. Wat ik nu pas begrijp, is dat ze altijd tegen ons heeft gezegd dat we hier niet in ons eigen land zijn en dat we altijd ons best moeten doen. Als je jong bent, neem je dingen zo als ze zijn en naarmate je ouder wordt gaan dingen je opvallen en neem je je eigen keuzes.”

“Ik vond het altijd heel vanzelfsprekend dat ik heel christelijk ben opgevoed.  Dingen zoals drinken en vriendjes waren tijdens mijn puberteit niet echt onderdeel van mijn leven. Toen ik op mezelf ging wonen, begon ik veel meer mijn eigen keuzes te maken en leerde ik ook mijn huidige lief kennen. Zijn ouders had ik al vrij snel ontmoet en mijn vriend vroeg al snel wanneer hij ook mijn familie zou leren kennen. Dat lag dus toch wel anders bij ons. Na de eerste keer dat hij toch op bezoek was geweest, vroeg mijn moeder al gelijk voorzichtig of we zouden gaan trouwen. Ik merkte dat mijn moeder en ik er toch anders in staan, want ik ben nog maar begin twintig, druk bezig met mijn studies en nog helemaal niet bezig met trouwen. Gelukkig begrijpt ze het nu wel, maar ik vond het ook wel lastig om haar op een bepaalde manier teleur te stellen.”

“Wat je in de Afrikaanse cultuur meer hebt, is dat de jongere kinderen naar de oudere kinderen luisteren. Dus stel als ik aan mijn jongere broer vraag of hij de afwas wilt doen, dan moet hij daarnaar luisteren. Ik zou bijna kunnen zeggen dat de taken zo kunnen worden geschoven naar jongere broertjes of zusjes, maar we luisteren altijd naar de ouderen.”

“Omdat we altijd zo veel zijn verhuisd, heb ik er een kunst van gemaakt om iets zo snel mogelijk eigen te maken. We zijn denk ik nergens langer dan twee jaar gebleven. Ik hing altijd kerstlichtjes op, want ik dacht dat is wel standaard gezellig en ik hing de muren altijd vol met posters of ik schilderde er iets op. Wat soms wel jammer was, omdat ik dan een plek helemaal had versierd met van alles en dan moesten we weer verhuizen. Ik vind nu nog steeds het heel leuk om dingen te versieren. Een strakke, afgestemde kamer vind ik prachtig, maar bij mij wordt het toch meer een samenraapsel.”

“Het lijkt me heel leuk om later op een soort van erf te wonen, waar zo kippen en kinderen rondlopen en waar een moestuin is, maar waar iedereen wel zijn eigen huis heeft. Dat community-gevoel spreekt me wel heel erg aan. Maar ik wil, nu ik jong ben, graag in de stad wonen. Ik houd heel erg van het culturele leven in een stad, dat bruist zo. Mijn vriend komt uit Nederland en ik denk er soms al over om naar Nederland te verhuizen. Het lastige lijkt me om mijn vriendinnen hier achter te laten.”

Nog meer thuisverhalen lezen en bekijken? Hier vind je ze allemaal op een rijtje:

https://www.gate15.be/nl/blog/author/juul-wolters